|
De
wetgever heeft NIRAS twee opdrachten toevertrouwd inzake inventaris:
.gif) |
ten
eerste is NIRAS belast met het opmaken van een inventaris van al het
radioactieve afval dat zich op Belgisch grondgebied bevindt. Deze
opdracht wordt "inventaris
van radioactief afval" genoemd; |
.gif) |
ten
tweede moet de instelling een inventaris opmaken van alle installaties
en sites op Belgisch grondgebied die radioactieve stoffen bevatten.
Deze opdracht wordt "inventaris
van de nucleaire passiva" genoemd. |
De
inventaris van radioactief afval
Overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit van 16 oktober
1991, heeft NIRAS de opdracht om permanent een kwantitatieve en kwalitatieve
inventaris bij te houden van al het huidige en toekomstige radioactieve
afval op Belgisch grondgebied, inclusief de overtollige splijtstoffen
en het radioactieve afval uit nucleaire installaties die zullen worden
ontmanteld. Deze inventaris is een essentiële voorwaarde voor een
optimaal beheer in alle veiligheid, zowel op korte als op lange termijn.
Met deze inventaris zal NIRAS onder andere de afmetingen van haar verwerking/conditionerings-,
opslag-
en bergingsinstallaties
kunnen bepalen.
De laatste ramingen van de hoeveelheid radioactief afval die België
in de toekomst moet beheren, lopen tot het jaar 2070. Deze ramingen steunen
op een referentiescenario dat ervan uitgaat dat elk van de zeven Belgische
commerciële kernreactoren (4 in Doel en 3 in Tihange) gedurende 40
jaar geëxploiteerd zullen worden. Dit referentiescenario houdt rekening
met de wet van 31 januari 2003 houdende de geleidelijke uitstap uit kernenergie
voor industriële elektriciteitsproductie (de officiële tekst
is beschikbaar op de website van het Belgisch
Staatsblad).
De hypothese van NIRAS is dat de exploitatieperiode van elke reactor zal
worden gevolgd door een stilleggingsperiode van 5 tot 10 jaar, zodat de
activiteit in de reactor kan afnemen. Daarna volgt een periode van een
tiental jaar om de kern van de reactor en de rondom liggende structuren
en gebouwen te ontmantelen. Het ontmantelingsafval van de zeven Belgische
commerciële kernreactoren, dat vooral tot de categorie A zal
behoren, zal dus voorkomen tussen 2021 en 2040. Nog volgens de hypothese
van NIRAS zullen de ontmantelingwerkzaamheden pas 30 jaar later echt worden
beëindigd, met de ontmanteling van gebouw 136 (opslaggebouw voor
hoogactief verglaasd afval, op de site van Belgoprocess).
Volgens de recentste ramingen, gebaseerd op de gegevens beschikbaar op
1 januari 2001, bedraagt het volume afval dat NIRAS tot in 2070 zal moeten
beheren:
- 72.000 m³ afval van categorie A;
- 8.900 m³ afval van categorie B;
- 2.100 tot 5.000 m³ afval van categorie C.
Deze ramingen kunnen in de toekomst veranderen omdat ze afhankelijk zijn
van talrijke factoren (vrijgavecriteria
(*), technologieën, wettelijke bepalingen) die ook
in de tijd kunnen veranderen.
72.000
m³ afval van categorie A
(laag- of middelactief en kortlevend afval)
Het volume radioactief afval van categorie A, dat ongeveer 80% van het
verwacht totaal volume radioactief afval van alle categorieën vertegenwoordigt,
is gebaseerd op de prognoses van de afvalproducenten. Dit volume bestaat
uit courant geproduceerd afval en afval afkomstig van de ontmanteling
van stilgelegde nucleaire installaties.
Volgens de recentste ramingen (1 januari 2001) wordt het volume afval
van categorie A uit de courante productie, dat verwacht wordt tot 2070,
geraamd op ongeveer 20.000 m³; het volume afval van categorie A afkomstig
van de ontmantelingwerkzaamheden wordt geraamd op ongeveer 52.000 m³.
(NIRAS verwacht dat een belangrijk gedeelte van het ontmantelingsafval
van zeer lage activiteit zal zijn.)
Deze ramingen zijn gebaseerd op internationale vrijgavecriteria
(*), die vooruitlopen (zonder
er evenwel helemaal met overeen te komen) op de criteria gepubliceerd
in het koninklijk besluit van 20 juli 2001 dat de bevoegdheden van het
Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle bepaalt
(de officiële tekst is beschikbaar
op de website van het Belgisch
Staatsblad). De ramingen van
de productie en het verder beheer van het ontmantelingsafval zijn moeilijker
te bepalen dan voor het courant geproduceerde afval omdat deze activiteiten
(ongeveer 50 jaar) zich
uitstrekken.
8.900 m³ afval van categorie B
(laag- of middelactief en langlevend afval)
Eind 2002 lag 3.907,5 m³ (bron: Belgoprocess) afval van categorie
B opgeslagen
op de site van Belgoprocess. Dit afval
was hoofdzakelijk afkomstig van de activiteiten van de vroegere proefopwerkingsinstallatie
Eurochemic.
Volgens de hypotheses van NIRAS (gebaseerd op de ramingen van 1 januari
2001), zal het maximaal volume bijkomend afval ongeveer 4.992,5 m³
bedragen. Dit volume zal afkomstig zijn van de geleidelijke repatriëring
van het afval uit de opwerking van Belgische verbruikte kernbrandstof
door het Franse bedrijf COGEMA (ongeveer 100 m³), de sanering van
de nucleaire passiva en de ontmantelingswerken.
2.100 tot 5.000 m³ afval van categorie C
(hoogactief en langlevend afval)
Eind 2002 bedroeg de voorraad geconditioneerd afval van categorie
C 236 m³ (bron: Belgoprocess). Deze bestond uit 195 m³ verglaasd
afval van Eurochemic, 20 m³ gecementeerd afval afkomstig van de exploitatie
van de Pamela-installatie en 21 m³ verglaasd afval afkomstig van
COGEMA.
Indien men volledig zou afzien van de opwerking van de bestaande verbruikte
kernbrandstof en de kernbrandstof die nog zal worden geproduceerd in het
kader van het Belgische nucleaire programma, zou het afval van categorie
C vermeerderd worden met 4.700 m³ geconditioneerde verbruikte kernbrandstof
en 55 m³ glascontainers die reeds geproduceerd zijn en nog uit Frankrijk
teruggevoerd moeten worden (de niet-opgewerkte verbruikte kernbrandstof
wordt momenteel opgeslagen op de sites van de centrales).
Als daarentegen alle bestaande en toekomstige verbruikte kernbrandstof
wordt opgewerkt, zal het volume afval van categorie C met ongeveer 1.865
m³ stijgen.
De inventaris van de nucleaire passiva
De opdracht van NIRAS werd uitgebreid door de publicatie van de programmawet
van 12 december 1997 (de officiële tekst is beschikbaar op de website
van het Belgisch
Staatsblad).
NIRAS is sindsdien belast met de inventaris van alle nucleaire installaties
en alle sites op Belgisch grondgebied die radioactieve stoffen bevatten.
De officiële wettelijke benaming van deze opdracht is "inventaris
van de nucleaire passiva".
De
inventaris van de nucleaire passiva is een opdracht van openbaar belang.
Hij moet op lange termijn een beter beheer mogelijk maken om de veiligheid
van de mens en het leefmilieu op ethische wijze te garanderen.
De inventaris van de nucleaire passiva omvat:
| |
het
opstellen van een repertorium van de lokalisatie en de staat van alle
nucleaire installaties en alle sites op Belgisch grondgebied die radioactieve
stoffen bevatten; |
| |
de raming
van de kostprijs van de ontmanteling en sanering van deze installaties
en sites; |
| |
de evaluatie
van de beschikbaarheid en de toereikendheid van de provisies voor
de financiering van de aan de gang zijnde of toekomstige verrichtingen; |
| |
de vijfjaarlijkse
bijwerking van deze inventaris. |
Het rapport
met betrekking tot de inventaris, dat op 27 januari
2003 aan de regering werd overhandigd, schetst voor het eerst de
toestand met betrekking tot de installaties en sites op Belgisch grondgebied
die radioactieve stoffen bevatten. Het rapport biedt de Voogdijminister
en de regering inzicht in de toestand en de mogelijkheid om een toekomstgericht
beleid voor te bereiden en te bepalen. De resultaten stellen hen in staat
maatregelen en/of praktijken te ontwikkelen die de nodige financiële
middelen moeten garanderen voor een veilig beheer van de radioactieve
stoffen, en van de installaties en sites die deze stoffen bevatten.
.gif) |
Monitoring
Belgisch grondgebied 1998-2002 is afgerond (Persbericht van 28.01.2003
- PDF - 136K) |
.gif) |
Monitoring Belgisch grondgebied 1998-2002 is afgerond (Informatiedossier
van 28.01.2003 - PDF - 333K) |
Overeenkomstig de wettelijke bepalingen van 11 december 1998, is het eigenlijke
rapport niet beschikbaar voor het publiek.
---------------------
(*) De vrijgavecriteria zijn de criteria waaraan moet worden voldoen
opdat het risico verbonden aan een radioactieve afvalstof voldoende klein
zou worden beschouwd. Volgens de nieuwe criteria gebruikt voor de inventaris
2003, moeten vanaf nu grotere hoeveelheden afval worden beschouwd, en dus
beheerd, als radioactief afval.
Als
een of andere term u niet helemaal duidelijk is, raadpleeg dan ons glossarium.
|