Radioactiviteit Samenwerking Informatiecentrum Radioactief afval NIRAS Afvalbeheer
Homepage
Zoek Contact Site map Jargon Links Taalkeuze


Het afvalplan belangt ons allen aan.

Waarover gaat het ?
Ten tweede : er is geen gevaar voor mens en leefmilieu ;
Ten derde : er is geen sprake van lekkende vaten ;
Ten vierde : de vaten in kwestie maken deel uit van een erfenis uit het verleden ;
Ten vijfde : iedere afvalverpakking moet beantwoorden aan specifieke kwaliteitsvereisten vooraleer er sprake kan zijn van berging ;
Ten zesde : NIRAS lanceert corrigerend programma ook al blijft de veiligheid van de omwonenden en de werknemers gegarandeerd.



NIRAS stelt in 2009 een Afvalplan op voor het beheer op lange termijn van radioactief afval categorie B&C

Duurzaam beheren van radioactief afval wil zeggen: mens en milieu doeltreffend beschermen vandaag en zolang het radioactief afval risico's inhoudt. Voor het beheer op lange termijn van radioactief afval onderscheiden we drie categorieën, met verschillende risico's:
- cat. A = laag- en middelactief kortlevend afval
- cat. B = laag- en middelactief langlevend afval
- cat. C = hoogactief afval
Duurzaam beheer vereist voor iedere categorie een aangepaste aanpak. Wanneer we spreken over 'beheer op lange termijn' gaat het in het geval van afval van categorie B & C over honderdduizenden jaren.


NIRAS wil een beslissing van de regering over de strategie voor de toekomst

Afval en verrijkte Splijtstoffen, is de openbare instelling die het radioactieve afval en de overtollige splijtstoffen in België beheert. NIRAS heeft daartoe een afvalbeheersysteem ontwikkeld dat wetenschappelijk en technisch gefundeerde oplossingen biedt die de mensen en het leefmilieu beschermen en tegelijk economisch en maatschappelijk verantwoord zijn. Dit afvalbeheersysteem krijgt concreet vorm in een Afvalplan voor iedere categorie van radioactief afval. NIRAS doet voorstellen, de regering beslist over het uit te voeren beleid.

Het wetenschappelijke en technische onderzoek van de laatste 30 jaren, zowel nationaal als internationaal, laat NIRAS toe om een Afvalplan op te stellen voor het beheer van categorie B & C met een duidelijke kijk op de verschillende opties en met een weg naar een definitieve oplossing. NIRAS wil in 2010 de regering een Afvalplan aanreiken met een oplossing voor het beheer op lange termijn van afval categorie B & C. Dat plan zal alle gegevens en alternatieven bevatten die de regering zal toelaten om oordeelkundig te beslissen over de strategie voor de toekomst.

NIRAS zal vervolgens deze strategische beslissing concreet uitwerken. Dat betekent ondermeer de oplossing verder grondig onderzoeken en bespreken met deskundigen, met haar internationale partners en met de bevolking.

NIRAS wenst stapsgewijze en progressief te evolueren naar de concrete realisatie van een langetermijnoplossing voor het afval categorie B & C die maatschappelijk gedragen en politiek aanvaard wordt.

De beslissing van de regering moet het voor NIRAS mogelijk maken om in 2040 klaar te zijn met de voorbereidingen zodat het bestaande radioactief afval categorie B & C in passieve veiligheid kan geplaatst worden. Dit wil zeggen op zo'n manier dat er niet dagelijks rechtstreekse controle nodig is. Het hoogactief afval categorie C dat eerst moet afkoelen zal tegen 2040 voldoende klaar zijn.


In het Afvalplan zullen de 4 belangrijke aspecten van beheer op lange termijn aan bod komen

De vier belangrijke aspecten van van het beheer op lange termijn van het afval zijn:
• de technische en wetenschappelijke aspecten (technisch betrouwbaar),
• de financiële en economisch aspecten (realiseerbaar en haalbaar),
• de milieuaspecten en de veiligheid (veilig, leefbaar, bescherming van het leefmilieu in de breedste zin van het woord),
•de maatschappelijke aspecten (aanvaardbaar voor de bevolking).

NIRAS streeft naar een duurzame oplossing die deze vier aspecten integreert.
Het Afvalplan zal duidelijkheid geven over de mogelijke oplossingen en over de vier genoemde aspecten van elke oplossing.
Zo wordt voor de impact op het milieu een milieueffectenrapport (MER) opgesteld. Het wordt bij het Afvalplan gevoegd.
Voor de impact op het maatschappelijk leven zal NIRAS een participatieve consultatie opzetten die verder gaat dan de wettelijke 'raadpleging van de bevolking' (zie volgend hoofdstuk).
Het Afvalplan zal verwijzen naar de internationaal erkende ethische en technische principes die aan de basis liggen van iedere keuze met betrekking tot het beheer van radioactief afval. Het Afvalplan zal aangeven hoe die principes in de huidige situatie moeten worden toegepast. De regering zal ook van deze principes kunnen vertrekken om een evenwichtige beslissing te nemen.

De opdracht van NIRAS is begrensd tot het beheer van radioactief afval. Bijgevolg kan er in het Afvalplan of in de dialoog daar rond geen sprake zijn van voorstellen over bijvoorbeeld het energiebeleid van de overheid of over toekomstige nucleaire projecten (met radioactief afval tot gevolg).



Ten vierde : de vaten in kwestie maken deel uit van een erfenis uit het verleden

Het gaat om historische producties van vóór 1989 die nog geconditioneerd werden volgens de toen geldende condities en stand van de technologie.

Eén partij betreft een campagne van 96 colli van laagactieve en kortlevende homogeen gecementeerde concentraten die in 1983 door Electrabel geproduceerd werden. Deze colli zijn momenteel opgeslagen op site 1 van Belgoprocess. Het afval werd, volgens de toen geldende praktijken, geconditioneerd in vaten vervaardigd uit koolstofstaal die niet gegalvaniseerd zijn. Deze colli waren bestemd om kort na de productiedatum in zee te worden geborgen.
Gelet op de oorspronkelijke eindbestemming werden destijds minder strenge eisen gesteld qua integriteit op lange termijn van de vaten. Na het moratorium op zeeberging (Belgische toetreding in 1984) heeft NIRAS aan de producenten het gebruik van een gestandaardiseerd gegalvaniseerd vat opgelegd om de duurzaamheid van de colli te verhogen in afwachting van het ontwikkelen en uitvoeren van een alternatieve oplossing voor het beheer op lange termijn.

Onmiddellijk na de vaststelling van de abnormale evolutie van de betrokken colli, heeft NIRAS bewarende maatregelen getroffen: de colli werden geïsoleerd, gereinigd en in een tijdelijke verpakking overgebracht in afwachting van een geschikte oplossing die verenigbaar zal zijn met de vereisten van een veilig beheer op lange termijn. De partij van 96 colli is het voorwerp van een specifiek opvolgingsprogramma. De colli werden niet door NIRAS geaccepteerd en blijven eigendom en onder de verantwoordelijkheid van Electrabel.

Een tweede partij betreft 184 colli met laagactief vast afval dat door een onderaannemer van het SCK·CEN werd gecementeerd, erfenis van de historische activiteiten van het vroegere departement Waste van het SCK·CEN tussen 1983 en 1989 (passief BP2).
Deze colli vertonen roestvorming aan de randen van het vat. Hoogstwaarschijnlijk werd tijdens de conditionering de interne bescherming van de primaire colli beschadigd met roestvorming tot gevolg. Ze zijn opgeslagen in gebouw 270 op site 2 in afwachting van een geschikte oplossing die verenigbaar zal zijn met de vereisten van een veilig beheer op lange termijn.
Naast deze 184 beschadigde colli, opgeslagen op site 2, heeft NIRAS nog 12 colli geïdentificeerd op site 1 van Belgoprocess, behorende tot dezelfde historische conditioneringscampagnes, die soortgelijke problemen beginnen te vertonen.

Volgens de huidige analyse zijn er nog 1814 colli, geconditioneerd met hetzelfde procédé, die tot nu toe nog geen afwijkingen vertonen. Ze worden onderworpen aan een specifiek opvolgingsprogramma.

Een derde partij, behorend tot het passief BP1, betreft colli met laagactief vast afval dat door Belgoprocess in de jaren 80 werd gecementeerd op site 1. Zeven van deze vaten vertonen roestvorming. Hoogstwaarschijnlijk werd ook hier bij de conditionering de beschermende binnenlaag van het gegalvaniseerde vat beschadigd met roestvorming tot gevolg. De omvang van deze partij wordt nog bepaald. Deze verpakkingen zijn opgeslagen op site 1 en zijn onderworpen aan een specifiek opvolgingsprogramma. Ook hier zal voor de vaten met gebreken een geschikte oplossing uitgewerkt worden die verenigbaar is met de vereisten van een veilig beheer op lange termijn.

Een vierde partij van beschadigde colli betreft 124 colli gebitumineerd afval, erfenis van de historische activiteiten van het vroegere departement Waste van het SCK·CEN tussen 1983 en 1989. Het bitumineringsprocédé, dat destijds door de conditioneerder werd gebruikt, blijkt niet geschikt te zijn als procédé. De alfabestraling van een bitumenmatrix kan de productie van waterstofgassen via een welbekende fysico-chemische reactie (radiolyse) veroorzaken. In geval van het gebruik van een niet gepaste samenstelling van het afval kan deze radiolyse aanleiding geven tot zwelling van de bitumensubstantie. Deze colli werden in de jaren 90 niet overgebracht naar site 1 van Belgoprocess en blijven voorlopig in gebouw 270 op site 2 in afwachting van een geschikte oplossing die verenigbaar zal zijn met de vereisten van een veilig beheer op lange termijn.

Naast deze 124 beschadigde colli, opgeslagen op site 2, heeft NIRAS nog 10 colli geïdentificeerd op site 1 van Belgoprocess, behorende tot dezelfde historische conditioneringscampagnes, die soortgelijke problemen beginnen te vertonen. Er zijn intussen acties ondernomen om de veiligheid van het opslaggebouw te garanderen (isoleren van de meest problematische colli in afwachting van het uitvoeren van corrigerende maatregelen).

Volgens de huidige analyse zijn er nog 554 colli, geconditioneerd met hetzelfde procédé, die tot nu toe nog geen gebreken vertonen. Ze worden onderworpen aan een specifiek opvolgingsprogramma.



Ten vijfde : iedere afvalverpakking moet beantwoorden aan specifieke kwaliteitsvereisten vooraleer er sprake kan zijn van berging

Iedere afvalverpakking (in het vakjargon spreekt men van een afvalcollo of beter nog van een primair collo geconditioneerd afval) - dit is het geheel bestaande uit radioactieve afvalstoffen en verpakking, waarbij de radioactieve stoffen eerst verkleind werden qua volume en vervolgens ingesloten in cement of bitumen - zal aan een "toegangsexamen voor berging" worden onderworpen. Een afvalverpakking die niet beantwoordt aan de criteria voor de eindbestemming, zal niet aanvaard kunnen worden. Derhalve zal een afvalverpakking met gebreken niet als dusdanig geborgen worden, tenzij deze zodanig wordt behandeld dat ze nadien wel aan de criteria voldoet om geborgen te kunnen worden, na een voorafgaande nieuwe evaluatie. De wijze waarop verpakkingen met gebreken zullen worden gecorrigeerd en uiteindelijk zullen geborgen is het voorwerp van verder onderzoek, en hangt samen met het bergingsconcept dat uiteindelijk zal worden gekozen.




Ten zesde : NIRAS lanceert corrigerend programma ook al blijft de veiligheid van de omwonenden en de werknemers gegarandeerd

Ook al is er geen enkel probleem inzake veiligheid, noch voor de omwonenden noch voor de werknemers bij Belgoprocess, heeft NIRAS niet gewacht op een beslissing over de eindbestemming van het afval om al corrigerende maatregelen uit te werken en uit te voeren. Het programma, goedgekeurd door de raad van bestuur van NIRAS op 13 december 2002, omvat onder meer :

  het opstellen van een volledige en gedetailleerde inventaris (fysico-chemische en radiologische bronterm per collo, oorsprong van het afval);
  het deskundig onderzoek van de "beschadigde" colli;
  het bepalen van de scenario's voor het conform maken van het afval (herverpakking, nieuwe conditionering,…), gelijktijdig met het opstellen van de toepasbare acceptatiecriteria;
  de keuze van de (in principe bestaande) installaties voor de uitvoering van deze scenario's;
  het opstellen van de kostprijs en de planning van het programma.



--------------------------

"Passief BP1"

In 1986 werd NIRAS het beheer toevertrouwd van de uitvoering van het saneringsprogramma voor de site van EUROCHEMIC (site BP1) en van het ontmantelingsprogramma van de Europese proefinstallatie voor de opwerking van verbruikte kernbrandstof die in 1966 geopend werd en sinds 1974 buiten gebruik is.


"Passief BP2"

De colli van het passief BP2 werden in 1989 onder beheer gesteld van NIRAS in de staat waarin ze zich bevonden met het oog op de sanering van het vroeger departement Waste van het SCK
·CEN, overeenkomstig de conventies die deze overdracht regelen.

In het kader van het saneringsprogramma "passief BP2" - programma dat loopt over 30 jaar - werden corrigerende maatregelen op deze colli niet als een prioriteit beschouwd, omdat noch de veiligheid van de werknemers, noch die van de bevolking op enig ogenblik in het gedrang was. Binnen dit saneringsprogramma werd immers voorrang gegeven aan veel dringender toestanden zoals de behandeling van niet-geconditioneerd bèta/gamma-afval, de sanering van kuip 2000, de overdekking van het Solarium, de bouw van de verwerkingsinstallatie voor HRA/Solarium-afval, de transfer van de conforme colli naar site 1 van Belgoprocess in de jaren 90, ...

De betrokken colli dienen in overeenstemming te worden gebracht met de acceptatiecriteria die van toepassing zullen zijn bij berging. Formeel gezien kan dit pas gebeuren als de financiële middelen via het Fonds op Lange Termijn ter beschikking worden gesteld door de Belgische Staat, wat de overname van het afval door NIRAS zou betekenen.

Als een of andere term u niet helemaal duidelijk is, raadpleeg dan ons glossarium.