Radioactiviteit Samenwerking Informatiecentrum Radioactief afval NIRAS Afvalbeheer
Homepage
Zoek Contact Site map Jargon Links Taalkeuze



De kwaliteit van bepaalde afvalverpakkingen die opgeslagen zijn bij Belgoprocess in Dessel stond begin februari 2003 in het middelpunt van de belangstelling. NIRAS zet de zaken op een rijtje:


Ten eerste : er zijn gebreken vastgesteld bij een beperkt aantal vaten ;
Ten tweede : er is geen gevaar voor mens en leefmilieu ;
Ten derde : er is geen sprake van lekkende vaten ;
Ten vierde : de vaten in kwestie maken deel uit van een erfenis uit het verleden ;
Ten vijfde : iedere afvalverpakking moet beantwoorden aan specifieke kwaliteitsvereisten vooraleer er sprake kan zijn van berging ;
Ten zesde : NIRAS lanceert corrigerend programma ook al blijft de veiligheid van de omwonenden en de werknemers gegarandeerd.


NIRAS en Belgoprocess hebben hieromtrent op 7 februari 2003 een informatievergadering, gevolgd door een bezoek ter plaatse, georganiseerd voor de lokale besturen van Mol en Dessel, de partnerschappen MONA en STOLA en de lokale pers. De informatie die tijdens deze vergadering werd verdeeld, vindt u hieronder:

Opslagbeheer van radioactief afval - Informatie aan de lokale gemeenschappen (Jef Claes, algemeen directeur Belgoprocess - 07.02.2003) (PDF - 3,37M)
Opslag en berging van laagactief en kortlevend afval: de veiligheidsfuncties en de rol van de afvalmatrix, het vat en de monoliet (Peter De Preter, NIRAS - 07.02.2003) (PDF - 336K)
De toestand van de vaten in opslag van Belgoprocess (ACTUA Flash - 07.02.2003 - PDF - 324K)
Brief van de heer Paul Govaerts, directeur-generaal SCK·CEN (06.02.2003 - PDF - 105K)
Brief van Dokter Luc Holmstock en Dokter Eric Van Mieghem, Stralingsbeschermingsdeskundigen van het SCK·CEN (05.02.2003 - PDF - 138K)
Het beheer van radioactief afval, een industrieel proces (ACTUA Nr. 39 – oktober 2001 - PDF – 300K)

Om documenten in PDF-formaat te openen, moet je beschikken over Acrobat Reader 5.0. Dat is gratis te verkrijgen op de website van
Adobe.



Ten eerste : er zijn gebreken vastgesteld bij een beperkt aantal vaten


Het gaat om oudere vaten die dateren van de jaren tachtig en die grotendeels geproduceerd werden met het oog op zeeberging als eindbestemming, de gebruikelijke bergingsmethode voor kortlevend afval in Westerse landen tot 1983. Het gaat om nagenoeg 1% op een totaal van 49.000 afvalverpakkingen die momenteel bij Belgoprocess zijn opgeslagen, in afwachting van een beslissing betreffende hun eindbestemming op het land.


Ten tweede : er is geen gevaar voor mens en leefmilieu

De beschadigde vaten houden geen gevaar in voor de werknemers bij Belgoprocess en voor de omwonenden. De radioactieve stoffen die in de vaten zitten, zijn ingesloten in cement of bitumen.
Ter herinnering : de verwerking en conditionering van radioactief afval heeft tot doel de radioactieve stoffen te concentreren en in te sluiten in verpakkingen die geschikt zijn voor manipulaties en tussentijdse opslag.
De verwerking van het afval heeft tot doel het volume van de radioactieve afvalstoffen te beperken. De conditionering van de residu's van de verwerking van radioactief afval moet het mogelijk maken een compact en vast product te bekomen. De conditionering gebeurt door het radioactieve afval te immobiliseren in cementmortel of bitumen die in cilindervormige metalen vaten worden gegoten.


Ten derde : er is geen sprake van lekkende vaten

Er zijn twee soorten gebreken vastgesteld : roestvorming met soms perforatie van het vat tot gevolg en zwelling met in sommige gevallen overloop van bitumensubstantie.

De roestvorming heeft te maken met de verpakking waarin het afval is geconditioneerd. Het gaat, enerzijds, om niet-gegalvaniseerde koolstofstalen vaten van 400 liter en, anderzijds, om gegalvaniseerde metalen vaten waarvan de beschermende binnenlaag beschadigd is. In beide gevallen zijn de vaten aangetast door roest (als gevolg van oxidatie ontstaan er in sommige gevallen perforaties).
In deze verpakkingen zit gecementeerd afval, waarin de radioactieve stoffen zijn ingesloten. Er zijn dus geen radioactieve stoffen in de omgeving terechtgekomen.

Bij de tweede vorm van afwijking gaat het om gebitumineerd afval. De bitumensubstantie is gaan zwellen, waardoor bij sommige vaten een overloop van bitumen wordt vastgesteld. Ook in dit geval blijven de radioactieve stoffen ingesloten in het bitumen. Er is dus geen sprake van lekkende vaten in de zin dat vloeistoffen uit verpakkingen zou lopen: het gaat om vaste producten waarin de radioactieve stoffen ingesloten zijn en blijven.



Ten vierde : de vaten in kwestie maken deel uit van een erfenis uit het verleden

Het gaat om historische producties van vóór 1989 die nog geconditioneerd werden volgens de toen geldende condities en stand van de technologie.

Eén partij betreft een campagne van 96 colli van laagactieve en kortlevende homogeen gecementeerde concentraten die in 1983 door Electrabel geproduceerd werden. Deze colli zijn momenteel opgeslagen op site 1 van Belgoprocess. Het afval werd, volgens de toen geldende praktijken, geconditioneerd in vaten vervaardigd uit koolstofstaal die niet gegalvaniseerd zijn. Deze colli waren bestemd om kort na de productiedatum in zee te worden geborgen.
Gelet op de oorspronkelijke eindbestemming werden destijds minder strenge eisen gesteld qua integriteit op lange termijn van de vaten. Na het moratorium op zeeberging (Belgische toetreding in 1984) heeft NIRAS aan de producenten het gebruik van een gestandaardiseerd gegalvaniseerd vat opgelegd om de duurzaamheid van de colli te verhogen in afwachting van het ontwikkelen en uitvoeren van een alternatieve oplossing voor het beheer op lange termijn.

Onmiddellijk na de vaststelling van de abnormale evolutie van de betrokken colli, heeft NIRAS bewarende maatregelen getroffen: de colli werden geïsoleerd, gereinigd en in een tijdelijke verpakking overgebracht in afwachting van een geschikte oplossing die verenigbaar zal zijn met de vereisten van een veilig beheer op lange termijn. De partij van 96 colli is het voorwerp van een specifiek opvolgingsprogramma. De colli werden niet door NIRAS geaccepteerd en blijven eigendom en onder de verantwoordelijkheid van Electrabel.

Een tweede partij betreft 184 colli met laagactief vast afval dat door een onderaannemer van het SCK·CEN werd gecementeerd, erfenis van de historische activiteiten van het vroegere departement Waste van het SCK·CEN tussen 1983 en 1989 (passief BP2).
Deze colli vertonen roestvorming aan de randen van het vat. Hoogstwaarschijnlijk werd tijdens de conditionering de interne bescherming van de primaire colli beschadigd met roestvorming tot gevolg. Ze zijn opgeslagen in gebouw 270 op site 2 in afwachting van een geschikte oplossing die verenigbaar zal zijn met de vereisten van een veilig beheer op lange termijn.
Naast deze 184 beschadigde colli, opgeslagen op site 2, heeft NIRAS nog 12 colli geïdentificeerd op site 1 van Belgoprocess, behorende tot dezelfde historische conditioneringscampagnes, die soortgelijke problemen beginnen te vertonen.

Volgens de huidige analyse zijn er nog 1814 colli, geconditioneerd met hetzelfde procédé, die tot nu toe nog geen afwijkingen vertonen. Ze worden onderworpen aan een specifiek opvolgingsprogramma.

Een derde partij, behorend tot het passief BP1, betreft colli met laagactief vast afval dat door Belgoprocess in de jaren 80 werd gecementeerd op site 1. Zeven van deze vaten vertonen roestvorming. Hoogstwaarschijnlijk werd ook hier bij de conditionering de beschermende binnenlaag van het gegalvaniseerde vat beschadigd met roestvorming tot gevolg. De omvang van deze partij wordt nog bepaald. Deze verpakkingen zijn opgeslagen op site 1 en zijn onderworpen aan een specifiek opvolgingsprogramma. Ook hier zal voor de vaten met gebreken een geschikte oplossing uitgewerkt worden die verenigbaar is met de vereisten van een veilig beheer op lange termijn.

Een vierde partij van beschadigde colli betreft 124 colli gebitumineerd afval, erfenis van de historische activiteiten van het vroegere departement Waste van het SCK·CEN tussen 1983 en 1989. Het bitumineringsprocédé, dat destijds door de conditioneerder werd gebruikt, blijkt niet geschikt te zijn als procédé. De alfabestraling van een bitumenmatrix kan de productie van waterstofgassen via een welbekende fysico-chemische reactie (radiolyse) veroorzaken. In geval van het gebruik van een niet gepaste samenstelling van het afval kan deze radiolyse aanleiding geven tot zwelling van de bitumensubstantie. Deze colli werden in de jaren 90 niet overgebracht naar site 1 van Belgoprocess en blijven voorlopig in gebouw 270 op site 2 in afwachting van een geschikte oplossing die verenigbaar zal zijn met de vereisten van een veilig beheer op lange termijn.

Naast deze 124 beschadigde colli, opgeslagen op site 2, heeft NIRAS nog 10 colli geïdentificeerd op site 1 van Belgoprocess, behorende tot dezelfde historische conditioneringscampagnes, die soortgelijke problemen beginnen te vertonen. Er zijn intussen acties ondernomen om de veiligheid van het opslaggebouw te garanderen (isoleren van de meest problematische colli in afwachting van het uitvoeren van corrigerende maatregelen).

Volgens de huidige analyse zijn er nog 554 colli, geconditioneerd met hetzelfde procédé, die tot nu toe nog geen gebreken vertonen. Ze worden onderworpen aan een specifiek opvolgingsprogramma.



Ten vijfde : iedere afvalverpakking moet beantwoorden aan specifieke kwaliteitsvereisten vooraleer er sprake kan zijn van berging

Iedere afvalverpakking (in het vakjargon spreekt men van een afvalcollo of beter nog van een primair collo geconditioneerd afval) - dit is het geheel bestaande uit radioactieve afvalstoffen en verpakking, waarbij de radioactieve stoffen eerst verkleind werden qua volume en vervolgens ingesloten in cement of bitumen - zal aan een "toegangsexamen voor berging" worden onderworpen. Een afvalverpakking die niet beantwoordt aan de criteria voor de eindbestemming, zal niet aanvaard kunnen worden. Derhalve zal een afvalverpakking met gebreken niet als dusdanig geborgen worden, tenzij deze zodanig wordt behandeld dat ze nadien wel aan de criteria voldoet om geborgen te kunnen worden, na een voorafgaande nieuwe evaluatie. De wijze waarop verpakkingen met gebreken zullen worden gecorrigeerd en uiteindelijk zullen geborgen is het voorwerp van verder onderzoek, en hangt samen met het bergingsconcept dat uiteindelijk zal worden gekozen.




Ten zesde : NIRAS lanceert corrigerend programma ook al blijft de veiligheid van de omwonenden en de werknemers gegarandeerd

Ook al is er geen enkel probleem inzake veiligheid, noch voor de omwonenden noch voor de werknemers bij Belgoprocess, heeft NIRAS niet gewacht op een beslissing over de eindbestemming van het afval om al corrigerende maatregelen uit te werken en uit te voeren. Het programma, goedgekeurd door de raad van bestuur van NIRAS op 13 december 2002, omvat onder meer :

  het opstellen van een volledige en gedetailleerde inventaris (fysico-chemische en radiologische bronterm per collo, oorsprong van het afval);
  het deskundig onderzoek van de "beschadigde" colli;
  het bepalen van de scenario's voor het conform maken van het afval (herverpakking, nieuwe conditionering,…), gelijktijdig met het opstellen van de toepasbare acceptatiecriteria;
  de keuze van de (in principe bestaande) installaties voor de uitvoering van deze scenario's;
  het opstellen van de kostprijs en de planning van het programma.



--------------------------

"Passief BP1"

In 1986 werd NIRAS het beheer toevertrouwd van de uitvoering van het saneringsprogramma voor de site van EUROCHEMIC (site BP1) en van het ontmantelingsprogramma van de Europese proefinstallatie voor de opwerking van verbruikte kernbrandstof die in 1966 geopend werd en sinds 1974 buiten gebruik is.


"Passief BP2"

De colli van het passief BP2 werden in 1989 onder beheer gesteld van NIRAS in de staat waarin ze zich bevonden met het oog op de sanering van het vroeger departement Waste van het SCK
·CEN, overeenkomstig de conventies die deze overdracht regelen.

In het kader van het saneringsprogramma "passief BP2" - programma dat loopt over 30 jaar - werden corrigerende maatregelen op deze colli niet als een prioriteit beschouwd, omdat noch de veiligheid van de werknemers, noch die van de bevolking op enig ogenblik in het gedrang was. Binnen dit saneringsprogramma werd immers voorrang gegeven aan veel dringender toestanden zoals de behandeling van niet-geconditioneerd bèta/gamma-afval, de sanering van kuip 2000, de overdekking van het Solarium, de bouw van de verwerkingsinstallatie voor HRA/Solarium-afval, de transfer van de conforme colli naar site 1 van Belgoprocess in de jaren 90, ...

De betrokken colli dienen in overeenstemming te worden gebracht met de acceptatiecriteria die van toepassing zullen zijn bij berging. Formeel gezien kan dit pas gebeuren als de financiële middelen via het Fonds op Lange Termijn ter beschikking worden gesteld door de Belgische Staat, wat de overname van het afval door NIRAS zou betekenen.

Als een of andere term u niet helemaal duidelijk is, raadpleeg dan ons glossarium.